Jaap Mekel, Ravenswoud
‘95 procent van eten groei ik zelf’

Natuur

‘95 procent van eten groei ik zelf’ 

Het begon als een idee dat ontstond in een driekamerappartementje in Hilversum in 1985: Jaap Mekel wilde minder milieubelastend leven. Dat is zo gelukt, verwachtte hij. Dan koop ik toch gewoon alle producten die ik nodig heb bij de biologische winkel? Hij kwam bedrogen uit, want ook die biologisch gekweekte peen moest machinaal worden gerooid. Mekel, nu woonachtig op een land van negen hectare in Ravenswoud, heeft op z’n zachtst gezegd z’n best gedaan de afgelopen tientallen jaren. 95 procent van zijn voedsel groeit hij zelf en hij doet nog iets bijzonders voor een beter milieu: Jaap maakt er een sport van om zo lang mogelijk niet te douchen.

Terug naar ’85, het jaar waarin hij nog wel met regelmaat doucht, maar alles op alles zet om zo snel mogelijk de stad te ontvluchten. Werken doet hij bij een hoveniersbedrijf en ’s avonds wast hij af bij een restaurant, waardoor hij flink spaart. De drie kamers van zijn appartement verhuurt hij, zelf woont hij op de vliering. ‘Ik woonde gratis’, zegt Mekel. Zo’n dertigduizend gulden aan spaargeld harkt hij jaarlijks binnen. Het lukt hem uiteindelijk om elf jaar later met zijn vrouw en inmiddels twee kinderen een woonboerderij te kopen, waar hij zijn plannen verder uitrolt. Het gezin komt in 1996 terecht op een perceel van een halve hectare aan de rand van Ravenswoud. Om bij de woning te komen rijdt hij over een oprit van een paar honderd meter. Voor de rest wordt de woning omringd door landbouwvelden.

De woonboerderij gaat er vervolgens volledig af en Jaap en zijn vrouw zetten een kast van een woning neer. Zo ecologisch mogelijk, geheel naar eigen wens. Een glazen gevel laat de zonnestralen gedurende de winterdagen zoveel mogelijk naar binnen schijnen voor warmte, goede isolatie was vereist en er groeit van alles op het dak op een laag van zo’n twintig centimeter grond. ‘Mijn vrouw zit daar in de avond graag de bellen. Deze plek, deze woning is waar wij ons volledig thuis voelen’, beschrijft Mekel. ‘Wij gaan hier nooit meer weg.’ En over hun tijd in Ravenswoud zegt hij: ‘Ons plan is aardig geslaagd.’

In 2004 kocht Mekel omliggende landerijen van een boer. Er werden ruim 10.000 boompjes besteld en kort daarna geplant in de tuin. Voor de woning werd een oud maïsveld omgetoverd tot een zwemvijver. ‘De toplaag werd eraf geschraapt, zodat bijzondere planten er de kans krijgen’, legt Mekel uit. Elders op het erf zijn nog vijf vijvers aangelegd. Zelfs de bomen die twee jaar geleden tijdens een storm omwaaiden: daarvan liggen alle stobben op het erf in Ravenswoud. ‘Dood hout trekt zoveel nieuwe bewoners, dat wil je niet weten. Alles laten we groeien.’ Het deed in 2018 maar liefst 2200 eieren van de ringslang uitkomen in een broeihoop. Menigeen zou er bang van worden, maar de Mekels doen dat zeker niet. Jaap tilt wat mest op en laat zien dat hij geen grap maakt. Een stuk of twintig eieren die elk moment kunnen uitkomen komen tevoorschijn. Het krioelt er van de slangen. ‘Het grappige is dat je ze bijna nergens op het erf ziet, behalve hier. Dit vinden zij de prettigste plek. We hebben er totaal geen last van.’

Ja, er zwemt wel eens een slang naast een familielid in de zwemvijver, maar daar is ook alles mee gezegd. Het houdt hem niet uit het water. Integendeel. Op die manier begint Jaap Mekel elke dag: in het water, tussen ‘zijn’ amfibieën. ‘Weer of geen weer, warm of koud, ik zwem dagelijks één of twee rondjes. Ik maak er een sport van om zo lang mogelijk niet te douchen.’ Op de vraag hoe lang het is geleden dat hij een douche nam, zegt hij: 10 april 2021. En dat viert hij dus samen met onder meer de kikkers, salamanders en slangen, in de vijver. Over al die andere soorten niet gesproken. Mekel hield voor de gein eens bij hoeveel soorten vogels hij kon spotten op zijn erf en telde er 176.

Via zijn bedrijf waarmee landschappen en natuurgebieden werden beheerd, genereerde hij tot 2011 inkomsten. De schaapjes heeft de familie inmiddels wel op het droge. Leven doen ze van hun tuin en dieren. 120 Exmoorpony’s, waarvan er vijftig in het Fochteloërveen grazen, zijn hun eigendom. ‘We eten er van. We laten gemiddeld één per jaar slachten.’ Dat is niet nodig als de familie een aangereden ree of das vindt. Die krijgt dan voorrang in de vriezer. ‘Die krijgen we of vinden we zelfs wel eens. Je krijgt er een oog voor.’ Waar Mekel nog wel voor in de supermarkt komt? Meel voor brood, chocoladepasta en snoep. ‘Het zijn erg weinig dingen.’ Een levenswijze die niet alleen ecologen naar Ravenswoud deed reizen, ook natuurliefhebbers worden er met regelmaat rondgeleid. Dat doet Jaap met liefde. ‘Ik kan er dagen over volpraten.’

Geïnteresseerden kunnen contact opnemen met Jaap Mekel via: info@mekelogischbeheer.nl.

Liefhebbers bekijken ook het verhaal over de Ecokathedraal in Mildam, het verhaal over groene kikkers en de faunatoren in Donkerbroek.

Fotocredits:

Rens Hooyenga

Verder zoeken in onze database