Fochteloërveen
Fochteloërveen is een zegen voor de kraanvogel

Natuur

Tot aan de horizon; veen, veen en nog eens veen. Het Fochteloërveen.

Het is één van de laatste gebieden met hoogveen in West-Europa. Door het uitgestrekte en bijzondere stiltegebied lopen bijzondere wandel– en fietspaden.

Het scheelde weinig of het hoogveengebied was, net als andere veengebieden, verdwenen. Er werd op grote schaal veen afgegraven om tot turf te drogen. Dit was al vanaf de zeventiende eeuw de belangrijkste brandstof. Het werd op grote schaal gewonnen en stilletjes verdween het veen. De plekken waar veen weggehaald werd is later ondergelopen met water. Vanaf de 18-meter hoge uitkijktoren is dit goed waarneembaar. De grote plassen water in het gebied zijn de plekken die uitgestoken zijn voor de brandstof. Het was voor Natuurmonumenten reden om in 1938 de eerste 200 hectare in het Fochteloërveen aan te kopen. Het kwetsbare hoogveen werd veiliggesteld. Rijdend over de klinkerweg is op het Compagnonsveld ook zo’n grote waterplas te zien. Het turf werd afgevoerd middels boten door aangelegde wijken. Hier komt ook de naam ‘Turfroute’ vandaan. Via deze route werd het turf vanuit Appelscha afgevoerd richting Smilde en de andere kant op door Oosterwolde en Donkerbroek.

Kraanvogels

De stilte en de grootte van het Fochteloërveen zijn een zegen voor de kraanvogel. Voor het eerst sinds lange tijd is er in 2001 weer een paartje in het gebied gesignaleerd. Sindsdien worden er door goede handhaving van Natuurmonumenten steeds meer van dit soort aangetroffen. Het Fochteloërveen lijkt erg geliefd bij de vogels die jaarlijks van Scandinavië naar Spanje trekken. Ze kunnen overal broeden, maar kiezen ervoor om dat in specifiek dit stukje Nederland te doen. Met uitgestrekte vleugels ‘baltsen’ ze om elkaar heen en springen daarbij soms meters de lucht in. Het is indrukwekkend om naar te kijken en luisteren. Dat kan vanuit de vogelkijkhut aan de enige weg door het hoogveengebied of vanaf de 18-meter hoge uitkijktoren De Zeven.

Trillingen waarneembaar

Voor de natuurliefhebber die ook graag even een stuk loopt; op de wandelroute De Bonghaar, die dwars door het veengebied voert, zijn de trillingen van het veen duidelijk waarneembaar.

Fietsend over één van de fietspaden binnen het Fochteloërveen kan het op een zomerse dag zomaar zo zijn dat een adder zich daar opwarmt in het zonnetje. Ook de gladde slang en ringslang leven in het hoogveen. Het is dus tijdens het fietsen een beetje uitkijken.

Hoogveen ontstaat alleen op plekken waar regenwater blijft staan. Mede daarom heeft Natuurmonumenten het gebied zo ingericht dat het nat blijft en vele reptielen en bijzondere planten een uitstekende woonplaats in het gebied vinden. De bodem is heel zuur en arm, waardoor alleen bijzondere soorten planten en dieren in het Fochteloërveen overleven. Een voorbeeld is de zonnedauw. Het blad van dit plantje is bezaaid met kleine, kleverige druppels. Zodra een vliegje neerstrijkt, plakt hij vast en verteert langzaam.

Aan de andere kant van het Fochteloërveen ligt Veenhuizen, een voormalige dwangkolonie, die zeker een bezoek verdient. Tussen het dorp en het veengebied bevindt zich het bos van boswachterij Veenhuizen, waar diverse wandelingen te maken zijn. Wie vanuit daar een klein stukje over het fietspad richting Ravenswoud loopt, komt een mooie boardwalk tegen.

Kortom; een bijzonder gebied dat zeker een bezoekje waard is.

Fotocredits:

Henk Vondeling

Verder zoeken in onze database